Amfibien en ongewerveldenHuisdierenwijzer van de amfibieën (Amphibia).
Bron: www.licg.nl
Van nature: koudbloedig, kunnen zowel op het land als in het water leven.
Huisvesting: een terrarium of paludarium.
Knuffel- of kijkdier: kijkdier.
Voeding: afhankelijk van soort; vlees, insecten of planten.
Leeftijd: kikkers: tussen de 5 en 20 jaar. Padden: iets ouder. Salamanders en wormsalamanders: sommige worden wel 50 jaar.
Kosten aanschaf en verzorging: gemiddeld tot hoog.
Huisdierenbijsluiter van de amfibieën (Amphibia)
Wist u dat:
Alle amfibieën die in Nederland van nature in het wild voorkomen volgens de wet beschermd zijn en dat ze niet gevangen of verplaatst mogen worden?
Een kikker zijn ogen door het gehemelte de bek in kan laten zakken, waardoor hij met zijn ogen het voedsel de slokdarm induwt?
Sommige salamanders vijftig jaar kunnen worden?
Algemeen
De amfibieën vormen een klasse van koudbloedige dieren. De naam amfibie is afgeleid van het Griekse Amphi-bios, wat "dubbel-levend" betekent. Dit verwijst naar de levenswijze van amfibieën: ze kunnen zowel in het water als op het land overleven. Amfibieën ademen zowel door longen als door de huid. De verhouding verschilt sterk per groep of zelfs soort. Longloze salamanders hebben bijvoorbeeld geen longen en ademen door de huid.
Bekende huisdieren uit de groep amfibieën zijn bijvoorbeeld boomkikkers, vuurbuikpadden, axolotls en ribbensalamanders. Veel amfibieën mag u niet als huisdier houden, of alleen onder bepaalde voorwaarden. Controleer daarom altijd de wet- en regelgeving en kijk na in CITES of uw gewenste dier daarin vermeld staat.
Amfibieën verschillen behoorlijk in hun gedrag. Een kikker is over het algemeen bijvoorbeeld veel actiever, beweeglijker, en levendiger dan een pad. De meeste soorten salamanders zijn schemer- of nachtdieren en verlaten hun schuilplaatsen pas nadat de lichtsterkte tot onder een bepaalde waarde is afgenomen en de omstandigheden voor hen gunstig zijn.
Verschillende varianten
Tot de amfibieën behoren de kikkers en padden (Anura), salamanders (Caudata) en wormsalamanders (Gymnophiona). In totaal zijn er meer dan 6000 beschreven soorten, waarvan ruim 5250 tot de kikkers en padden behoren, ruim 550 tot de salamanders en ongeveer 170 tot de wormsalamanders.
Volwassen kikkers en padden hebben een peervormig lichaam, een stompe kop, zeer brede bek en altijd vier poten. De kikkers hebben sterk gespierde en lange achterpoten, die bij veel soorten dienen om grote afstanden te springen. De kop van de pad is stomper dan die van een kikker. Qua kop is er weinig verschil tussen salamanders en kikkers. Het grote verschil is dat salamanders hun staart behouden, terwijl kikkers de staart als volwassen dier kwijt zijn.
Kikker- en paddensoorten zijn vaak redelijke zwemmers. De meer waterbewonende soorten hebben zwemvliezen tussen de tenen om beter te zwemmen. Salamanders hebben een langgerekt lichaam en een lange staart. Er zijn enkele salamandersoorten die slechts twee poten hebben. Wormsalamanders lijken op grote wormen en hebben helemaal geen functionele poten meer. Salamanders drukken juist de pootjes tegen het lichaam, maken kronkelende bewegingen met het lijf en gebruiken voornamelijk hun staart bij het zwemmen.
Aanschaf en verantwoordelijkheid
Voordat u een amfibie aanschaft, moet u over voldoende kennis beschikken over het desbetreffende dier. Het is belangrijk dat het terrarium al volledig klaarstaat, op de juiste temperatuur en met de juiste luchtvochtigheid.
Zorg ervoor dat u zeker weet dat u nakweekdieren koopt. Begin absoluut niet met wildvangdieren, ook al zijn ze legaal (dus met de juiste papieren). Deze dieren zitten vaak vol met parasieten en ze kunnen ziekten met zich meebrengen. Koop uw dieren bij de winkels die erin gespecialiseerd zijn of bij ervaren kwekers. Zorg ervoor dat u bij de koop een overdrachtverklaring krijgt, want veel amfibieën zijn beschermd. Zo kunt u aantonen hoe u aan de dieren gekomen bent.
Hanteer amfibieën zo min mogelijk. Het is vaak erg stressvol voor het dier en de dieren hebben door hun dunne huid last van de stoffen (zoals zouten en zeepresten) die zich op onze handen bevinden. Laat dieren nooit vallen.
Houd kinderen altijd goed in de gaten en laat ze het liefst van de amfibieën afblijven. Wanneer kinderen toch een amfibie hanteren, let er dan op dat ze niks in de mond steken wat in aanraking met een amfibie geweest is. De reden van deze voorzorgsmaatregelen is om Salmonellabesmetting te voorkomen. Kinderen kunnen hier ernstig ziek door worden en er zelfs aan overlijden. Was, nadat u in het terrarium of paludarium aan het werk bent geweest, altijd uw handen met zeep om een Salmonella-infectie te vermijden.
Huisvesting
Voor het houden van amfibieën zijn er verschillende mogelijkheden van huisvesting, bijvoorbeeld een terrarium of paludarium. De inrichting en afmetingen zijn afhankelijk van het soort amfibie en het aantal te houden dieren. Houd er bij de aanschaf rekening mee dat de dieren wellicht nog niet volgroeid zijn. Veelal moet u een vochtige omgeving nabootsen waarin salamanders en kikkers zich thuisvoelen. De temperatuur en luchtvochtigheid zijn afhankelijk van de biotoop waarin de dieren oorspronkelijk leven, en dit kan per soort sterk verschillen. Weet dus wat de eisen zijn van de soort die u wenst te verzorgen! De luchtvochtigheid is ondermeer belangrijk voor de conditie van de huid en het vervellen. Verder is de gezondheid van de luchtwegen ervan afhankelijk. Wanneer er een hoge luchtvochtigheid vereist is, kunt u dagelijks meerdere keren met een plantenspuit sproeien of een luchtbevochtiger installeren. Er is altijd een relatief klein water- (poel) en een groter landgedeelte met plantengroei aanwezig voor soorten die op het land leven. Let er op dat de dieren niet kunnen ontsnappen of door andere dieren aangevallen kunnen worden. Zorg voor voldoende schuilmogelijkheden. Dit kan bijvoorbeeld een stuk hout of een omgekeerde bloempot met opening zijn. Pas op dat de dieren zich niet kunnen verwonden aan scherpe takken of stenen. Zet de bak bij voorkeur op een rustige plaats, trillingvrij en niet direct in het zonlicht.
Voeding
De voeding en voederfrequentie zijn afhankelijk van de soort en de grootte van het dier. Met het eten moet het dier de nodige vitaminen en mineralen opnemen. Jonge dieren eten vaker dan volwassen dieren. Amfibieën zijn over het algemeen vlees- of insecteneters. Een kikkervisje eet meestal alleen maar algen en is dus een planteneter. Een volwassen kikker is een vleeseter. Hij eet allerlei verschillende soorten insecten, spinnen, slakken en kleine zoogdieren. Ook eet een kikker zijn kleinere soortgenoten op. Voor voedingsadvies voor uw amfibieën kunt u terecht bij een in amfibieën gespecialiseerde dierenspeciaalzaak of een vereniging, zoals bijvoorbeeld degifkikkervereniging of salamandervereniging.
Van jong tot volwassen dier
Salamanders zijn veelal eierleggende dieren. Bij de ‘primitieve’ salamanders worden de in zakjes of snoeren in het water afgezette eitjes uitwendig bevrucht. Bij de ‘hogere’ salamanders is er meestal sprake van inwendige bevruchting. Het onderscheid tussen mannetjes en vrouwtjes is vaak moeilijk te zien. Soms onderscheiden de mannetjes zich door hun kleur, tekening of afmeting. De periode die verstrijkt voordat de eitjes uitkomen, de larven metamorfoseren en de jongen geslachtsrijp zijn, kan per soort en zelfs binnen een soort sterk verschillen.
Veel kikkers en padden kennen een urenlange tot soms wekenlange omstrengeling van een koppeltje. Het vrouwtje zit onderop en het mannetje, dat vaak veel kleiner blijft, bovenop. Als het vrouwtje eitjes afzet, bevrucht het mannetje deze met zijn sperma. Bij alle kikkers en padden is er sprake van uitwendige bevruchting. De eitjes worden vaak, maar niet altijd, in grote groepen afgezet, in de regel in water (kikkerdril). Bij het uitkomen hebben de jongen een visachtig uiterlijk met uitwendige kieuwen, die al snel verdwijnen. De larven groeien enkele weken of maanden, waarna een metamorfose van enkele dagen begint. Hierbij verdwijnt de staart, worden de kop en de bek groter en worden er ook voorpootjes gevormd.
Kikkers worden tussen de vijf tot twintig jaar oud. Padden worden ouder. Veel salamanders kunnen vijftien jaar of ouder worden. Dit kan oplopen tot zelfs vijftig jaar.
Kosten
De aanschafprijs van een amfibie varieert van zo’n tien tot vijftig euro. Dit heeft te maken met de diersoort en de leeftijd. Ook de kosten van een terrarium en de inrichting verschillen. Er zijn tal van soorten, maar de bak zelf, de inrichting, verlichting en verwarming zullen al snel meer dan honderd euro kosten. Dit heeft onder andere te maken met de grootte en de eisen aan bijvoorbeeld verwarming en verlichting. Houd ook rekening met de terugkomende kosten van voeding, electriciteit en eventuele dierenartskosten.
Gezondheids- en welzijnsproblemen
Amfibieën hebben over het algemeen geen snelle stofwisseling. Daardoor kan het lang duren voordat u ziet dat het dier lijdt aan een ziekte. Voordat u dieren koopt, moet u zich op de hoogte stellen van de meest voorkomende ziekten zodat u die kunt herkennen. Zet sowieso alle nieuw aangekochte dieren in quarantaine voordat u ze bij de andere dieren plaatst. Wat er zoal mis kan gaan? Denk aan verwondingen (slijtage, snijwonden, verbranding, agressie, beten van andere dieren, eten van vreemde voorwerpen), huisvestingsproblemen (overbevolking, water, temperatuur, ventilatie), voeding (kalkgebrek, vitaminegebrek) en inwendige parasieten. Raadpleeg bij twijfel een dierenarts met specifieke kennis van amfibieën.
Andere wetenswaardigheden
Alle Nederlandse amfibieën zijn volgens de wet beschermd. Dit houdt in dat ze niet gevangen of verplaatst mogen worden. Het is echter wel toegestaan om eitjes van de groene kikker, de bruine kikker en de gewone pad voor educatieve doeleinden op te kweken. Na de gedaanteverwisseling moeten de kikkers en padden wel weer worden vrijgelaten op de plek waar ze vandaan komen.
Als verantwoordelijk (huis)diereigenaar is het van belang serieus over de vakantieperiode na te denken. Waar blijven uw amfibieën als u met vakantie gaat? Elders op de website vindt u meer informatie over dier en vakantie.
Op de positieflijsten van de Raad voor Dierenaangelegenheden staat welke diersoorten geschikt zijn om als huisdier te houden. In deze positieflijsten is geen rekening gehouden met de afspraken die in het kader van CITES gemaakt zijn. Veel amfibieën vallen onder de CITES-registratie. Als u twijfelt of een dier in het CITES-verdrag is opgenomen, kijk dan op de website van CITES.
Ongewervelden
Huisdierenwijzer van de Ongewervelden
Van nature: zeer diverse diergroep, veelgehouden ongewervelden zijn spinnen en wandelende takken.
Huisvesting: vaak een terrarium.
Knuffel- of kijkdier: kijkdier.
Voeding: vlees, insecten of planten.
Leeftijd: afhankelijk van de soort. Sommige spinnen kunnen tientallen jaren oud worden.
Kosten aanschaf en verzorging: afhankelijk van de soort.
Huisdierenbijsluiter van de Ongewervelden
Wist u dat:
Koralen ook ongewervelde dieren zijn?
Niet alleen sommige spinnen, maar ook duizendpoten agressief en erg giftig zijn?
U bij uw gemeente na moet vragen of u giftige dieren als huisdier mag houden?
Algemeen
Ongewervelden zijn dieren zonder een wervelkolom of ruggengraat. Een andere term voor ongewervelden is evertebraten of invertebraten. Ongeveer 97% van de dieren in de wereld is ongewerveld. De verschillen tussen de diersoorten binnen deze groep zijn erg groot. De groep van de geleedpotigen, waaronder insecten en kreeften vallen, omvat de meeste soorten. Andere ongewervelde groepen zijn weekdieren (waaronder slakken en inktvissen), neteldieren (waaronder kwallen) en wormen. Veel ongewervelde dieren leven in de zee. Denk hierbij bijvoorbeeld aan zeesterren en kwallen. De meeste ongewervelde dieren zijn kleiner dan gewervelde dieren, maar er zijn hierop uitzonderingen. De reuzeninktvis is waarschijnlijk de grootste ongewervelde ter wereld en kan een lengte van dertien meter bereiken.
Bekende huisdieren uit de groep van de ongewervelde dieren zijn vogelspinnen en wandelende takken. Minder bekend als huisdier zijn bijvoorbeeld schorpioenen, kakkerlakken, koralen en miljoenpoten. Sommige van deze dieren zijn giftig en mogen niet overal zomaar gehouden worden. Een deel van de ongewervelde dieren is nachtactief, zoals bijvoorbeeld veel wandelende takken, kakkerlakken en bepaalde vlindersoorten.
Veel ongewervelden maken gebruik van camouflage. Sommige dieren verdedigen zich door het gebruik van schrikkleuren of door snel te vluchten. Andere ongewervelde dieren verdedigen zich actief tegen eventuele aanvallers.
Verschillende varianten
Veel ongewervelde huisdieren, namelijk insecten, spinachtigen en kreeftachtigen, zijn geleedpotig. Bij geleedpotigen zijn de poten, en vaak ook het lichaam, verdeeld in segmenten. Ze hebben geen inwendig skelet, maar een zogenaamd uitwendig skelet. Dit pantser groeit niet mee, om te kunnen groeien is het daarom nodig dat de dieren vervellen. Dit proces kan er ook voor zorgen dat bijvoorbeeld afgebroken ledematen, zoals pootjes, uiteindelijk vervangen kunnen worden. Tijdens de vervelling zijn de dieren extra kwetsbaar.
Insecten zijn er in allerlei soorten en kleuren. Ze hebben zes poten, en facetogen aan de zijkant van hun kop. Veel insecten hebben vleugels. Deze worden gebruikt om te vliegen, maar ook om geluid te maken, vijanden af te schrikken, voor camouflage en ter bescherming van het lichaam. Vaak hebben insecten een ontzettend goed gehoor en zijn ze in staat om vorm en kleur te onderscheiden. Insecten leggen eieren, waaruit nimfen of larven geboren worden. Deze diertjes ondergaan nog een gedaanteverwisseling totdat ze volwassen zijn, denk hierbij bijvoorbeeld aan het verpoppen van een rups tot een vlinder. Voorbeelden van insecten zijn wandelende takken, bidsprinkhanen, kevers en kakkerlakken.
Spinachtigen hebben acht poten. Onder de spinachtigen vallen behalve spinnen ook schorpioenen, mijten en teken. Spinnen zijn er van verschillende grootte, zo kunnen sommige soorten vogelspinnen wel elf centimeter groot worden.
Bij kreeftachtigen kan het aantal poten verschillen. Kreeftachtigen hebben tussen de tien en veertien poten. Vaak is het aantal poten moeilijk te zien omdat ze zijn aangepast tot zwem-, grijp- of looppoten.
Niet-geleedpotige dieren zijn bijvoorbeeld sponzen, zeesterren, zee-egels, koralen en wormen. De kenmerken van deze dieren zijn zeer divers.
Aanschaf en verantwoordelijkheid
Voordat u een ongewerveld dier als huisdier aanschaft, moet u over voldoende kennis over het desbetreffende dier beschikken. Ga bijvoorbeeld eens kijken bij andere liefhebbers en luister naar hun ervaringen. Koop uw dieren bij winkels die erin gespecialiseerd zijn of bij ervaren kwekers. Zorg ervoor dat het terrarium of insectarium al klaarstaat voordat u het dier aanschaft. Koop geen wildvang, maar een nakweekdier. Begin met een diersoort die relatief makkelijk te houden is en niet giftig is.
Ongewervelden zijn geen knuffeldieren. Voor sommige dieren is het sterk af te raden om ze op te pakken, bijvoorbeeld omdat ze erg kwetsbaar zijn. Rond de vervelling zijn dieren extra kwetsbaar, laat ze dan zeker met rust. Een aantal dieren, zoals bepaalde soorten wandelende takken, kakkerlakken en kevers, kan een irriterende afweerstof uitscheiden. Bepaalde rupsen en spinnen hebben irriterende brandharen. Bidsprinkhanen kunnen zich soms pijnlijk vastgrijpen met hun vangarmen. Daarnaast zijn er giftige dieren, bijvoorbeeld duizendpoten, en sommige schorpioenen- en spinnensoorten. U kunt aan een giftige beet zelfs overlijden! Kinderen, ouderen, mensen met een verminderde weerstand en mensen met allergieën lopen een groter risico. Voor alle dieren geldt dat u ze voorzichtig moet hanteren. Draag eventueel bescherming aan uw handen en ogen.
Sommige ongewervelde dieren zijn erg geschikt voor kinderen, denk hierbij bijvoorbeeld aan wandelende takken en garnalen. Er zijn echter ook ongewervelde dieren die minder of niet geschikt zijn voor kinderen. Een aantal diersoorten is erg kwetsbaar. Andere dieren zijn giftig en kunnen zelfs dodelijk zijn. Denk hierbij aan bepaalde spinnen, maar bijvoorbeeld ook duizendpoten zijn erg giftig. Bepaalde ongewervelde dieren kunnen ziekten overbrengen op de mens. Een voorbeeld hiervan is de kakkerlak. Wanneer u de hygiëne goed in de gaten houdt, zullen in terraria meestal weinig ziektekiemen aanwezig zijn. Was altijd uw handen nadat u met uw dieren bezig bent geweest.
Huisvesting
De huisvesting is afhankelijk van de diersoort. U moet onder andere rekening houden met de afmetingen, het vochtigheidsgehalte en de temperatuur in het verblijf. Bedenk wat de natuurlijke leefomstandigheden en behoeften van de dieren zijn. Zo zijn bidsprinkhanen en veel spinnen kannibalistisch en kunnen ze het beste individueel gehouden worden. Spinnen die graven hebben een bodem nodig die minstens tweemaal zo diep is als de lichaamslengte. Wandelende takken die eieren in de grond leggen, hebben een minimaal vijf centimeter dikke bodem nodig. Kakkerlakken houden van een warm en vochtig klimaat met voldoende schuilplaatsen. Een terrarium voor kevers moet in ieder geval een dikke bodemlaag bevatten. Vlinders hebben een zeer groot insectarium nodig.
Insecten en spinnen zijn erg gevoelig voor gifstoffen. Let erop dat potgrond, houtsnippers, voedselplanten en dergelijke geen gifstoffen bevatten. Ook teveel sigarettenrook kan ervoor zorgen dat dieren overlijden.
Bij veel ongewervelde dieren loopt u een grote kans dat de dieren ontsnappen. Het is dan zaak om ze te hanteren in een aparte, liefst kale ruimte, bijvoorbeeld de badkamer. Zo kunt u ontsnapte dieren snel weer vangen.
Voeding
Sommige ongewervelde dieren zijn planteneters, andere soorten eten prooidieren zoals insecten of kleine gewervelde voedseldieren. Ook zijn er dieren die zowel insecten als planten eten, bijvoorbeeld kakkerlakken. Een aantal dieren is erg kieskeurig. Zo zijn er wandelende takken die maar een beperkt aantal planten eten, houd hier rekening mee.
De mate en frequentie van voeren is afhankelijk van de diersoort. Wandelende takken hebben verse voedselplanten nodig. Spinnen moeten regelmatig te eten krijgen, ongeveer één tot drie prooien per week. Voer niet teveel en houd er rekening mee dat voedseldieren een dier tijdens het vervellen kunnen beschadigen.
Van jong tot volwassen dier
Insecten planten zich meestal seksueel voort, maar bij sommige soorten kunnen ook onbevruchte eitjes nakomelingen geven. De meeste insecten leggen eieren, maar sommige insecten zijn levendbarend of eilevendbarend. Eilevendbarend betekent dat ze de eieren in het lichaam houden en dat de jongen vlak voor de ‘geboorte’ uit het ei breken. Sommige ongewervelde dieren zijn kannibalistisch, waarbij er een kans is dat het vrouwtje het mannetje na de paring opeet. Ook eten sommige dieren de pasgeboren jongen op, of eten de jongen elkaar op. Om die reden kan het nodig zijn om de dieren gescheiden op te laten groeien.
Veel ongewervelden moeten eerst een aantal keer verveld zijn voordat ze geslachtsrijp zijn. Er worden meerdere eieren geproduceerd, de hoeveelheid is afhankelijk van het soort dier. Soms kan het vrouwtje in geval van seksuele voortplanting het sperma enige tijd opslaan om een bevruchting pas later te laten plaatsvinden. Ook zijn er dieren waarbij de eieren in winter- of droogterust gaan. Afhankelijk van de diersoort komen de eieren na weken tot maanden uit. De levensverwachting van ongewervelden loopt erg uiteen. Veel volwassen dieren leven enkele maanden tot enkele jaren. Sommige spinnen kunnen tientallen jaren oud worden.
Kosten
De aanschafprijzen van een ongewerveld dier variëren. Insecten zoals wandelende takken zijn vaak voor een paar euro te verkrijgen. Voor vogelspinnen hangt de prijs onder meer af van de leeftijd, het geslacht en de grootte. Sommige vogelspinnen kosten in aanschaf niet meer dan tien euro, anderen zijn een stuk duurder. Koraal kan, al naar gelang de soort en de grootte, tientallen euro’s kosten.
Ook de kosten van een terrarium en de inrichting verschillen, dit heeft onder andere te maken met de grootte en de eisen aan bijvoorbeeld verwarming en verlichting. U ben al snel een paar honderd euro kwijt. Houd rekening met de terugkomende kosten van bijvoorbeeld voedseldieren, en kosten als uw dier onverhoopt ziek wordt.
Gezondheids- en welzijnsproblemen
Geleedpotigen kunnen last hebben van virussen, bacteriën en schimmels. Om dit te voorkomen is het belangrijk om zo hygiënisch mogelijk te werken. Wildvangdieren kunnen een bron van parasieten zijn, hou deze dieren daarom gescheiden van gekweekte dieren. Pas ook op met insecticiden en andere gifstoffen. Gifstoffen kunnen voorkomen op (kamer)planten, op fruit of in verse potgrond. Slecht vervellen, (schimmel)infecties of parasieten zoals mijten kunnen ook tot problemen leiden.
Andere wetenswaardigheden
Vrouwtjesspinnen worden in principe ouder dan mannetjesspinnen.
Veel ongewervelden hebben geen Nederlandse naam, en staan bekend onder hun wetenschappelijke naam.
Veel vervellingen kunnen bewaard worden. De oude huid is vaak nog even soepel, en kan met spelden in een mooie vorm gezet worden. Ook dode dieren kunnen bewaard worden.
Als verantwoordelijk huisdiereigenaar is het van belang serieus over de vakantieperiode na te denken. Veel ongewervelde dieren kunnen slecht tegen stress en kunnen het beste thuisgehouden worden. Niet iedereen heeft de ervaring of kennis om bepaalde dieren te verzorgen tijdens uw afwezigheid. Elders op de website vindt u meer informatie over dier en vakantie.
Vraag bij uw gemeente na of u giftige dieren als huisdier mag houden, en of u een ontheffing nodig heeft.
CITES regelt de internationale handel in bedreigde dieren en planten. De handel in en het bezit van beschermde dieren is aan strikte regels gebonden. Een aantal ongewervelde dieren valt onder de CITES registratie. Als u twijfelt of een dier in het CITES-verdrag is opgenomen, kijk dan op de website van CITES.
Men kan voor bijna alle insecten allergisch zijn. Dit heeft bijvoorbeeld hooikoortsachtige verschijnselen tot gevolg, zoals een verstopte neus, niesbuien of uitslag. In sommige gevallen, zoals bij een steek van een honingbij, kan dit zelfs levensbedreigende situaties geven.







